Op tafel liggen oude enveloppen, poststukken, catalogi en albums. Daarnaast staat een doos waarin opnieuw tientallen stukken keurig zijn opgeborgen. En dan is dit nog maar een fractie. Bij Cees Achten gaat achter vrijwel ieder stukje papier een verhaal schuil. Soms is de postzegel bijzonder, maar minstens zo vaak draait het om dat kleine zwarte stempel dat iemand er tientallen of zelfs meer dan honderd jaar geleden op zetten.
Door Tom Rietveld
Postzegels die nauwelijks iets waard zijn en exemplaren waarbij een klein detail ineens honderden euro’s verschil maakt. Wie bij Cees Achten zijn verzameling bekijkt, ontdekt al snel dat filatelie veel meer is dan plaatjes in een album plakken. Voor Achten is het zoeken misschien nog wel mooier dan het vinden.
Bij een eerder bezoek leverde het de ontdekking op dat Achten meerdere passies heeft. Zijn kunst en aquarellen kwamen toen uitgebreid ter sprake. Nu gaat een andere wereld open: zijn enorme verzameling postzegels en vooral poststempels.
Begonnen voor de kleuterklas
Het begon verbazingwekkend vroeg. "Ik was een jaar of vijf, zes. Voor de kleuterklas”, vertelt Achten. De afbeeldingen op postzegels fascineerden hem. Een oom en een buurman die zelf verzamelden, stimuleerden hem verder.
In het begin was de keuze eenvoudig. "Ik verzamelde alles wat tandjes had."
De zegels werden op kleur en land gesorteerd. Later werd Achten steeds kritischer en deskundiger. Hij ging zich verdiepen in papiersoorten, watermerken, druktechnieken en afstempelingen. Vooral die laatste categorie groeide uit tot zijn grote specialiteit.
Daarbij gaat het niet alleen om complete postzegels. Ook briefstukken met bijzondere stempels worden zorgvuldig bewaard. Alles is systematisch gerangschikt. Plaatsnamen staan alfabetisch, zodat hij vrijwel onmiddellijk kan terugvinden wat hij bezit.
Hoeveel exemplaren hij inmiddels heeft?
Achten lacht. "Geen idee."
Alleen al voor zijn plaatsnaamstempels staat er een kast van zo’n 30 à 40 centimeter breed en ongeveer 1,80 meter hoog. Helemaal vol.
Mooi én oerlelijk
Wie denkt dat iedere oude poststempel sierlijk is uitgevoerd, komt bedrogen uit. Sommige zijn prachtig, andere volgens Achten bepaald niet. Zo zijn er de oude puntstempels: een nummer in het midden, omringd door punten. Ze waren vooral bedoeld om ervoor te zorgen dat een postzegel nooit opnieuw gebruikt kon worden.
Voor een verzamelaar is juist zo’n ogenschijnlijk onooglijk stempel interessant. Het nummer verwijst naar een bepaalde plaats of postlocatie. Daarvoor zijn catalogi nodig om uit te zoeken waar een afdruk vandaan komt.
Een bijzonder exemplaar in Achtens collectie draagt nummer 155 en hoort bij Kamp Zeist. Juist zulke stukken maken verzamelen spannend. Een paar stippen en een nummer kunnen een klein stukje Nederlandse postgeschiedenis vertellen.
Een gulden wordt honderden euro’s
Een ander topstuk kwam bijna letterlijk voor een gulden zijn verzameling binnen.
Een zwager van Achten kreeg bij een postzegelautomaat een verkeerd gesneden postzegelboekje onder ogen. Tijdens de productie was het snijapparaat niet op de juiste plaats door het vel gegaan. Voor normaal gebruik was het boekje daardoor waardeloos geworden.
Een mevrouw, die het postzegelboekje uit de automaat kon er niets mee. Zijn zwager legde er een gulden voor neer en dacht: mijn zwager verzamelt postzegels, misschien vindt hij dit leuk. Dat bleek een vooruitziende blik.
De productiefout die het boekje destijds vrijwel waardeloos maakte, maakt het tegenwoordig juist bijzonder. Volgens een recente catalogus vertegenwoordigt de versnijding een waarde van rond de 600 euro.
Verkopen?
"Nee hoor, ik verkoop niet”, zegt Achten resoluut. Om er met een glimlach aan toe te voegen dat zijn dochter daar later misschien anders over denkt als de verzameling ooit moet worden opgeruimd.
De stempel kan alles veranderen
De waarde van een postzegel blijkt bovendien een vak apart. Een postfrisse zegel – met de oorspronkelijke gom onaangetast op de achterzijde – kan veel meer waard zijn dan hetzelfde exemplaar met een stempel.
Maar bij Achten draait het niet uitsluitend om geld. Integendeel: juist een stempel kan voor hem een gewone zegel interessant maken. Waar is hij afgestempeld? Wanneer? Welk type stempel werd gebruikt? Was het een handstempel, plaatsnaamstempel, puntstempel of een bijzondere eerste-dagafstempeling?
Zo verandert een klein stukje papier in een historische speurtocht.
Een schoenendoos vol verrassingen
Ook het sociale aspect van verzamelen bestaat nog steeds. Achten doet mee aan het landelijke rondzendverkeer. Daarbij gaat letterlijk een doos vol materiaal van verzamelaar naar verzamelaar. De inhoud is nauwkeurig geregistreerd. Wie iets uitneemt, noteert dat en rekent het af.
"Het is heel goed geregeld”, zegt Achten. En vooral: het zoeken blijft leuk. Want ergens tussen honderden stukken kan precies dat ene stempel zitten dat nog ontbreekt.
Ook bij zijn vereniging worden zegels uitgewisseld en veilingen gehouden. En wanneer Achten naar zo’n bijeenkomst wil, wordt hij tegenwoordig opgehaald. Zelf autorijden doet hij niet meer, maar zijn mede-verzamelaars zorgen ervoor dat hij erbij kan zijn.
Daarmee is filatelie voor hem meer dan een verzameling kasten en albums. Het brengt ook mensen bij elkaar.
Postzegel-zen
En dan zijn er nog zijn aquarellen en etsen. De twee werelden lijken verschillend, maar hebben voor Achten iets gemeen: concentratie en rust.
Hij kan er dagen mee bezig zijn. Zoeken, vergelijken, ordenen, een afbeelding maken of opnieuw iets ontdekken wat al jaren in een album zit.
„Dan ben ik helemaal in zen”, zegt hij.
Postzegel-zen misschien?
Achten kan er wel om lachen. Na zoveel tientallen jaren is verzamelen bijna een automatisme geworden. Maar vervelen doet het nooit.
Misschien is dat uiteindelijk de werkelijke waarde van zijn verzameling. Niet die ene versnijding van honderden euro’s en evenmin een zeldzaam stempel. Het is het jongetje van vijf of zes dat ooit gefascineerd raakte door 'alles wat tandjes had' – en dat al die jaren later nog steeds nieuwsgierig verder zoekt.
