Geertruidenberg – Wie waren eigenlijk de edelen in Noord-Brabant en welke rol speelden zij in onze provincie tussen 1814-1918. Een onbekend, verrassend maar bovenal boeiend onderwerp. Op woensdag 20 mei neemt spreker dr. Klaasje Douma de belangstellenden tijdens een door de Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’ georganiseerde lezing mee naar de wereld van de adel. Deze gratis toegankelijke lezing, ook voor niet-leden, vindt plaats in Gertrudistaete, Venestraat 18 te Geertruidenberg. De aanvang is 20.00 uur; zaal open vanaf 19.30 uur.
Door Jan Hoek
Na 1814, toen Brabant deel werd van het Koninkrijk der Nederlanden, ontstond hier een adellijke elite en werden de eerste Noord-Brabanders in de provinciale ridderschap, een vereniging die vooral fungeerde als een elitenetwerk, waardoor de adel sinds de lange periode na de Opstand (1629/1648) hier zijn intrede deed. In de grondwet van 1815 werd de naam Braband voor het gebied van onze huidige provincie vervangen door Noord-Braband, later Noord-Brabant, ter onderscheiding van Zuid-Braband, destijds een van de nieuwe zuidelijke provincies. Het woord adel roept bij veel mensen uiteenlopende gedachten op. Dat zijn nog steeds allang achterhaalde stereotypen van rijke families met kastelen en veel personeel, die dol zijn op de jacht en bekakt Nederlands praten. Tijdens de lezing van Klaasje Douma zal duidelijk maken wat er van die stereotypen rest. Anders dan in andere delen van het land ontstond in Noord-Brabant een nieuwe adellijke elite ofwel ‘nieuwe’ families, aangevuld met invloedrijke notabelen.
Huwelijksnetwerk
Hun leven speelde zich af rond landgoederen, binnen netwerken van huwelijk, macht en sociëteiten. Tijdens de lezing krijgt u inzicht in het ontstaan van deze adel en de rol die zij speelde in de Brabantse samenleving. Daarbij wordt ingezoomd op het dagelijks leven: van sociale kringen tot het bestaan van de landedelman als jager, bestuurder en heer van het domein. Het gaat ook over de Brabantse katholieke adel die een heel huwelijksnetwerk opbouwde. Dit om de invloed uit te breiden en om erfenissen bijeen te houden. Er werd zelfs getrouwd tussen neef en nicht om ervoor te zorgen dat het familiebezit niet zou versnipperen. Waar mogelijk worden door Klaasje Douma ook lokale en regionale voorbeelden belicht, waardoor de geschiedenis extra tot leven komt. Zij studeerde Cultuurwetenschappen en promoveerde op het onderwerp ‘De adel in Noord-Brabant 1814-1918’. Op 16 december 2015 verwierf zij aan de universiteit van Tilburg de graad van doctor na het verdedigen van haar fraai uitgevoerde proefschrift van maar liefst 568 pagina’s. Het proefschrift is voorzien van talrijke illustraties, waarvan een flink deel getoond zal worden tijdens de lezing.
