De Natuurfederatie Geertruidenberg heeft onder andere als doel de ontwikkeling van de natuur te versterken en de biodiversiteit te vergroten binnen de gemeente Geertruidenberg. Vorige week kon de Natuurfederatie vol trots melden dat er in de gemeente Geertruidenberg een tweede oeverzwaluwenwand komt. Deze wordt later dit jaar gerealiseerd in de zogenoemde Put van Caron. Maar ook het onderhoud van onder meer mezenkasten en de oeverzwaluwwand, de jaarlijkse wintervogeltelling en het plaatsen van vleermuiskasten en tenen eenden-manden behoren tot de werkzaamheden van de vrijwilligers.
Door Jan Hoek
Waar Natuurfederatie Geertruidenberg zich inzet de natuur te versterken, zorgen rondhangende jeugd en loslopende honden voor verstoring van diezelfde natuur. Bij het uitlaten van een (aangelijnde) hond zag een inwoonster van Raamsdonksveer vorige week een viertal achtergelaten zwaneneieren. Maandagavond zat het zwanenkoppel in het park Achter de Hoeve aan de Academielaan nog samen op het nest. Dinsdagmorgen rond 7.30 uur zat het vrouwtje op het nest en zwom het mannetje in de onmiddellijke omgeving. Diezelfde middag omstreeks 14.00 uur waren beide zwanen verdwenen. Het verjagen van de zwanen door baldadige jeugd is, zo vertellen omwonenden, helaas al enkele jaren aan de orde. De nesten van alle inheemse vogelsoorten zijn gedurende het broedseizoen beschermd op grond van de Omgevingswet. Overtredingen kunnen leiden tot forse boetes of zelfs strafrechtelijke vervolging.
Telling wintervogels
In de maanden januari en februari van dit jaar trokken de Natuurfederatie-vrijwilligers Wil van Gils en Niek Wisse regelmatig eropuit om in de gemeente wintervogels te tellen. Ze maakten daarbij gebruik van de binnen Sovon Vogelonderzoek Nederland ontwikkelde app LiveAtlas. Ze voeren daarmee tellingen uit binnen een zogenoemd kilometerhok, een gebied van één vierkante kilometer. Van Gils en Wisse zeggen daarover: “Via LiveAtlas kiezen we een kilometerhok waarin we gaan tellen. Vervolgens geven we aan of je het hele hok gedurende een uur onderzoekt, of dat je kiest voor een variabele tel-tijd, bijvoorbeeld wanneer een hoe moeilijk begaanbaar is. Ook wordt vastgelegd met hoeveel waarnemers er geteld wordt. Meestal fietsen we naar het betreffende kilometerhok en trekken daarna kriskras door het gebied. Op die manier hebben we in vijf middagen vijftien kilometerhokken geteld.” In januari 2026 telde het duo in totaal 556 vogels, verdeeld over gemiddeld dertien soorten per kilometerhok. Opvallende aantallen binnen één hok waren 101 zwarte kraaien, 57 kauwen, 14 krakeenden en 20 koolmezen. Bijzondere soorten waren onder andere de barmsijs, dodaars en een graspieper. Februari leverde nog indrukwekkendere aantallen op: gemiddeld vijftien soorten per kilometerhok en maar liefst 1785 vogels in totaal. Enkele uitschieters waren: 50 krakeenden, 89 wilde eenden, 145 kauwen, 258 grauwe ganzen, 3 buizerds, 205 kokmeeuwen, 32 grote Canadese ganzen en 30 kuifeenden. Bijzondere waarnemingen waren de kramsvogel en de houtsnip. Rondom de Zandput en de Hooislobben werden niet minder dan 586 watervogels geteld. De wintervogeltelling van 2026 laat geen sterk afwijkend beeld zien ten opzichte van eerdere jaren.
Eenden-manden en bevers
In de laaglandbeek de Donge zijn in het kader van faunabeheer door vrijwilligers van de Natuurfederatie Geertruidenberg eenden-manden geplaatst om broedgelegenheid voor watervogels te bevorderen. Er is nu vastgesteld dat de aanwezigheid van de bever een significante invloed heeft op de duurzaamheid van deze manden. De bever beperkt zich namelijk niet tot het eten van wilgentakken, maar knaagt tevens aan de wilgentakken die zijn gebruikt om de eenden-manden te bevestigen. Als gevolg hiervan zijn de in 2025 geplaatste manden grotendeels beschadigd of verloren gegaan. Om dit probleem te ondervangen is bij de meest recente plaatsing gekozen voor een aangepaste constructie, waarbij gebruik gemaakt is van stalen ondersteuningen in plaats van wilgentakken. Het plaatsen van de eenden-manden in het vroege voorjaar bleek een arbeidsintensieve en fysiek belastende activiteit. Uitgerust met waadpakken moesten de werkzaamheden verricht worden in koud water en een bijzonder modderige bodem. In delen van de Donge zakt men tot kniehoogte weg in de modder, wat de werkzaamheden niet alleen bemoeilijkt, maar ook risicovol maakt. Om veiligheidsredenen werden de werkzaamheden met meerdere personen uitgevoerd. Ondanks de genoemde uitdagingen zijn opnieuw eenden-manden geplaatst met de verwachting dat deze voorzieningen bijdragen aan het broedsucces van de eenden.
