Op het kerkhof van Slagenland ligt Wilhelmina van Meerten begraven. Haar grafsteen is sober. Geen symbolen, geen opsmuk. Alleen haar naam en de jaartallen: 1901-1961. Wie haar levensverhaal kent, weet dat die eenvoud misleidend is. Achter deze steen gaat een vrouw schuil die haar tijd ver vooruit was.

Door: Dennis Mikhout

De beheerder van begraafplaats Slagenland wees ons op haar bijzondere verhaal. Hij leverde de nodige documenten aan zodat wij in dit artikel een reconstructie van haar leven konden maken. Voor de moderne lezer leest dit wellicht niet als een bijzonder verhaal, voor wie zich in de tijdsgeest van toen kan verplaatsen, is het dat zeker wel.

Geen keuze maar een bittere noodzaak

Wilhelmina van Meerten werd geboren in 1901 in Zevenbergen, in een Nederland dat sterk verzuild was en waarin het leven van vrouwen grotendeels vastlag. Voor de meeste vrouwen betekende volwassen worden: trouwen, kinderen krijgen en het huishouden runnen. Betaald werk was zeldzaam, ondernemerschap vrijwel ondenkbaar. Een vrouw hoorde zeker niet zichtbaar aanwezig te zijn in het openbare leven.

Wilhelmina paste al vroeg niet in dat patroon. Ze groeide op in een groot gezin van zestien kinderen, van wie er slechts vier volwassen werden. Als jongste kind scheelde ze tien jaar met haar naaste zus, haar oudste broer was 15 jaar ouder. Als slechts vier van de zestien kinderen de jeugdjaren overleven, groei je op in een gezin waarin verlies en verantwoordelijkheid bijna vanzelfsprekend zijn. Het moet haar als mens gevormd hebben, bijna alsof deze zelfstandigheid geen keuze maar een bittere noodzaak was.

Geluk was niet vanzelfsprekend

Op achttienjarige leeftijd trouwde ze in Geertruidenberg met Martinus Bakker, een jonge drukker uit Kampen. Ze hadden elkaar leren kennen bij de pomp, waar hij werkte nadat hij als soldaat was ingelijfd bij het 20e regiment infanterie (dat in Geertruidenbeg was gelegerd). Daar kruisten hun levens elkaar. Het huwelijk bood beiden houvast en perspectief. Geertruidenberg werd hun thuisbasis, een stad waar zij een gezin en later ook een bestaan opbouwden.

Het jonge gezin kreeg drie kinderen, maar het geluk was niet vanzelfsprekend. In 1922 werd hun eerste dochter, Hester, geboren met spina bifida. Ze overleed nog in hetzelfde jaar. In een tijd waarin medische zorg beperkt was en rouw vaak in stilte werd gedragen, liet dit verlies diepe sporen na. Zeven jaar later werd opnieuw een dochter geboren. Zij kreeg bewust dezelfde naam, Hester, als eerbetoon aan het kind dat zij hadden verloren. Het was een manier om het gemis een plaats te geven, iets wat in die tijd vaker voorkwam.

Praktisch, weerbaar en vooruitkijkend

Deze ervaringen vormden Wilhelmina. Het vroege verlies, de verantwoordelijkheid voor een jong gezin en het opbouwen van een bestaan maakten haar praktisch, weerbaar en vooruitkijkend. Eigenschappen die later zichtbaar zouden worden in haar ondernemerschap en haar houding tegenover het leven.

In 1927 begonnen Wilhelmina en Martinus Bakker een handelsdrukkerij aan de Brandestraat. Officieel was hij de drukker, maar al snel werd duidelijk dat zij de drijvende kracht achter het bedrijf was. Na haar huwelijk werd Wilhelmina geen ‘vrouw van’, maar een volwaardige partner. Ze nam taken op zich die voor vrouwen in die tijd hoogst ongebruikelijk waren. Een rol ver buiten de gangbare norm.

Achter het stuur van haar eigen Ford

Vanaf begin jaren dertig reed zij zelfstandig door de regio om opdrachten binnen te halen. In een periode waarin veel vrouwen niet eens een rijbewijs hadden, zat zij achter het stuur van haar eigen Ford. Dat was meer dan praktisch. Het was een openlijk doorbreken van sociale regels. Een vrouw alleen in een auto werd gezien als ongepast, zelfs bedreigend voor het bestaande beeld van man en vrouw. Dat riep weerstand op: ze werd nageroepen, uitgescholden en regelmatig staande gehouden. Wilhelmina liet zich niet intimideren. Ze reed door, deed zaken en bouwde een netwerk op. Haar manier van werken doorbrak openlijk de heersende sociale regels. Dat veranderde pas met het uitbreken van de oorlog, toen haar auto door de Duitse bezetter in beslag werd genomen.

Nooit honger

De Tweede Wereldoorlog legde opnieuw het karakter van Wilhelmina bloot. In een tijd van schaarste en onzekerheid zorgde zij ervoor dat er in huis aan de Brandestraat nooit honger was. Ze organiseerde, regelde en dacht vooruit. In het geheim hield ze konijnen en kippen, die ze zelf slachtte. Ook haar dochter leerde ze hoe dat moest. Onder de vloer lag een kelder met zorgvuldig opgebouwde voorraden ingemaakte groenten en andere levensmiddelen.

Regie in eigen handen te houden

De oorlog raakte het gezin ook persoonlijk. Zoon Roelof, student in Tilburg, weigerde de loyaliteitsverklaring aan het Duitse Rijk te tekenen. Hij dook onder in de Biesbosch, maar werd verraden en afgevoerd naar kamp Amersfoort. Voor Wilhelmina was dat geen moment om af te wachten. Ze handelde snel en doortastend. Met geld en schnaps vertrok ze richting Amersfoort en keerde enkele dagen later terug met haar zoon.

Hoe zij dat precies voor elkaar kreeg, bleef altijd onduidelijk. Mogelijk kocht ze bewakers om, mogelijk regelde ze via contacten in Den Haag een medische verklaring. Waarschijnlijk was het een combinatie van beide. Feit is dat het haar lukte. Dat een vrouw in oorlogstijd wist te onderhandelen, te reizen en via informele én officiële wegen resultaat boekte, was hoogst uitzonderlijk. Het tekent haar vastberadenheid en haar vermogen om, ook onder extreme omstandigheden, de regie in handen te houden. Opvallend detail: dit alles speelde in een periode dat er twee Duitse soldaten verplicht ingekwartierd in huis zaten, waarvan er minstens één volgens de overlevering een fanatieke nazi was.

Buiten de lijntjes kleuren

Ook in haar verdere leven bleef ze buiten de lijntjes kleuren. Ze runde meerdere activiteiten tegelijk: een winkel in kantoorbenodigdheden, een naaiatelier, een kleine bibliotheek aan huis. Ze leidde jonge meisjes op tot naaister, iets wat hen economische zelfstandigheid gaf in een tijd waarin dat zeldzaam was. Tijdens het 725-jarig bestaan van Geertruidenberg in 1938 liet ze zien wat vakmanschap kon betekenen, met historische kostuums die ze samen met andere vrouwen vervaardigde en droeg.

Ook binnen haar eigen gezin week Wilhelmina af van wat in die tijd gebruikelijk was. Ze vond dat vrouwen moesten doorleren en hun eigen keuzes mochten maken. Toen haar dochter ongehuwd zwanger raakte, werd dat geen schandaal. Wilhelmina regelde een huwelijk en keek vooruit, zonder oordeel. Later moedigde ze haar dochter aan haar man naar het buitenland te volgen voor zijn werk. Zelf nam ze in die periode de zorg voor haar kleindochter op zich.

Een vrouw die haar tijd vooruit was

Wilhelmina leefde in een tijd waarin vrouwenkiesrecht nog maar net was ingevoerd, waarin economische zelfstandigheid voor vrouwen nauwelijks bestond en waarin sociale controle groot was. Dat zij zich daarin bewoog als ondernemer, bestuurder, regelaar en opvoeder, maakt haar bijzonder. Niet omdat ze bewust een voorbeeld wilde zijn, maar omdat ze simpelweg deed wat nodig was en zich niet liet begrenzen door de mening van anderen.

Toen zij in 1961 overleed aan kanker, liet ze geen groot monument na. Alleen een eenvoudige grafsteen. Haar leven vertelt echter een groter verhaal: dat van een vrouw die haar tijd vooruit was, niet met grote woorden, maar door haar dagelijkse handelen. Juist daarom verdient haar geschiedenis het om verteld te blijven worden.

Dit verhaal is tot stand gekomen met dank aan: Ineke Liberg (kleindochter van Wilhelmina van Meerten) en Pieter Voragen (beheerder begraafplaats Slagenland).